Limburg bevrijd - Verhalen van Mesch tot Well - deel 2

Limburg bevrijd - Verhalen van Mesch tot Well - deel 2

De bevrijding begon op 12 september 1944 in het Zuiden, bij Mesch. De laatste dorpen in het noorden van de provincie, Well en Arcen, moesten tot 3 maart 1945 wachten op de bevrijders.Verslaggevers Jean van Hoof (1956) en Frank Ruber (1962), beiden historicus van oorsprong, trokken maandenlang door de provincie om gesproken ooggetuigenverslagen op band vast te leggen. Beluister de verhalen van de betrokkenen destijds hier terug.

ROERMOND
Na de bevrijding van Blerick staan de Geallieerden overal aan de Maas. De rivier is voor de Duitsers van groot belang, omdat ze een natuurlijk obstakel vormt voor de aanvallers van de Duitse westgrens. Begin september 1944 wordt de oostelijke Maasoever zelfs officieel ingelijfd bij Duitsland.

In de bezette steden en dorpen is de Duitse terreur erger dan ooit tevoren. Vooral in Roermond, waar de ziekelijk fanatieke commandant Ulrich Matthaeas heerst. Matthaeas gelooft dat Roermond vol partisanen zit. Ondanks zijn bevel weigeren de mannen zich te melden voor transport naar Duitsland; ze duiken onder.

Door verraad kan Matthaeas 14 onderduikers oppakken, 13 Roer-mondenaren en een Pool. Ze werden op Tweede kerstdag even buiten de stad geëxecuteerd. Onder dreiging van nieuwe executies melden zich eind december 2800 Roermondse mannen om in Duitsland te werken, herinnert zich Trees Bannink-Klaassens: Ooggetuigen Bannink-Klaassens, Dohmen, De Klerk, Peeters, Slenders

|

WANSSUM
De Roermondenaren Dohmen, De Klerk, Peeters en Slenders, vier van de 2800 mannen die terecht zijn gekomen in een dwangarbeiderskamp in Wuppertal. In België en Luxemburg zijn de Duitsers half december hun Ardennenoffensief begonnen. In Limburg gaat het Ardennenoffensief gepaard met de actie Schneemann, die bedoeld is om paniek te zaaien.
Begin januari 1945 steekt een Duitse gevechtsgroep bij Wanssum de Maas over en vestigt een bruggehoofd op de westelijke Maasoever. De inwo-ners van Wanssum zijn al weken weg, op last van de Engelsen. Maar tien jonge mannen zijn achtergebleven om het vee te verzorgen. Een van hen is Jeu Volleberg: ooggetuige Volleberg

|

EVACUATIES 1
Omdat de Duitsers hun handen vrij willen hebben, heeft de SS al begin december besloten dat de bevolking van de plaatsen op de oostelijke Maasoever verplicht moet evacueren naar Oost- en Noord-Nederland.
In oktober waren de mensen uit Gennep en omgeving al vertrokken.

Op 7 januari 1945 begint de Grüne Polizei het bezette deel van Limburg systematisch te ontruimen. In het begin te voet, naderhand per trein, gaan ze naar Noord-Nederland: 80 duizend Limburgers in overvolle goederenwagons die ook nog vaak worden beschoten, weten Jan Daemen uit Well, de heren Theelen en Kroonenberg uit Velden en kapelaan Gerrits van Afferden: ooggetuigen Gerrits, Theelen, Kroonenberg en Daemen

|

SUSTEREN
De langverwachte bevrijding van de oostelijke Maasoever tussen Susteren en Middelaar begint op 13 januari 1945. De Engelsen ruimen het zwaar versterkte Roer-bruggehoofd van de Duitsers op. Ze breken door de frontlinie bij Susteren, dat na vier dagen strijd wordt veroverd. Pas dagen later zien de geëvacueerde inwoners het totaal kapot geschoten dorp terug. Sef Heggen, Evert Zits en Louis Pesgens waren erbij: ooggetuigen Heggen, Zits en Pesgens

|

MONFORT
Na Susteren veroveren de Engelsen Echt. Vanwege de snelle geallieerde opmars stoppen de Duitsers met de evacuaties in Noord-Limburg en ze beginnen nu de inwoners van de dorpen tussen Echt en Roermond uit hun huizen te halen. In de streek wordt hard gevochten tijdens de bevrijding van Hingen en Sint Joost.

Gelijk met de gevechten in Sint Joost krijgt ook Montfort ervan langs. De bevolking is in de laatste maanden van 1944 verviervoudigd, de 1800 inwoners hebben zeven- tot achtduizend evacuees over de vloer gekregen.

|

Het dorp is voor de Duitsers van wezenlijk belang voor de verdediging van het Roer-bruggehoofd. Vooral in de bossen rond Montfort zijn versterkingen aangelegd. De Engelsen nemen geen enkel risico en op 19 januari gaan ze over tot stelselmatige beschietingen van het dorp.

De dagen erna volgen zware bombardementen; 183 dode burgers en enorme verwoestingen zijn het gevolg. Montfortenaar Sef Janssen maakte de strijd mee, Frans Smits uit Echt zat als evacué in Montfort: ooggetuigen Janssen en Smits

|

LINNE
Op 24 januari 1945 trokken de Engelsen het verwoeste Montfort binnen. Die dag wordt hard gevochten tussen Maasbracht en Linne. In de stations-wijk van Maasbracht en langs de Montforterbeek vallen tientallen doden, aan Duitse en aan Engelse kant. Na een tankcharge wordt Linne op 25 januari 's morgens vroeg ingenomen. Toine Beunen is een van de weinige inwoners die nog aanwezig zijn: ooggetuige Beunen

|

VLODROP
De gevechten om het Roer-brugge-hoofd gaan verbeten verder. De inwoners van Vlodrop worden op 26 januari met het oorlogsgeweld geconfronteerd. Tien mensen vinden de dood als geallieerde vliegtuigen hun bommenlast afwerpen boven het
Roerdorp. Het is druk op straat, want de Duitsers hebben voor deze dag een evacuatiebevel uitgevaardigd, herinnert zich Ans Cuypers: ooggetuige Cuypers

|

SINT ODILIENBERG
Felle gevechten kenmerken de verovering van het Roer-bruggehoofd. Achter het front gaat de Grüne Polizei door met de evacuaties van de burgers naar Noord-Nederland. De burgers moeten weg, niet voor hun eigen veiligheid, maar omdat de soldaten van de Wehrmacht beter kunnen opereren als geen burgers in de weg lopen.

|

Tot het laatste moment warden mensen uit hun schuilplaatsen gehaald. Het gezin Beckers is als een van de laatste nog aanwezig in Sint Odiliënberg. Een paar uur voordat de Engelsen in het dorp verschijnen moet het gezin weg, vertelt Harrie Beckers: ooggetuige Beckers

|

EVACUATIES 2
Enkele uren nadat de ongedeerd gebleven leden van het gezin Beckers de Roer zijn overgestoken, wordt Sint Odiliënberg bevrijd. De familie komt terecht in Friesland, pas maanden later zien de achtergebleven gewonde gezinsleden hen terug. De Roer is vanaf eind januari de nieuwe frontlijn. Het gebied ten noorden van het riviertje tot Middelaar is nog bezet.
Tienduizenden Limburgers uit dit gebied zijn al weggevoerd naar Groningen en Friesland. De streek ten noorden van Venlo is al wekenlang uitgestorven. In en rond Roermond is ook bijna iedereen weg. Begin februari begint de Grüne Polizei met de ontruiming van de laatste bewoonde dorpen tussen Venlo en Roermond. De procedure is overal dezelfde. De mensen moeten naar een plaats in Duitsland lopen en dan meestal in goederenwagons plaatsnemen. Een enkeling heeft meer geluk, vertelt Sef Geraadts uit Swalmen: ooggetuige Geraadts

|

MOOK EN MIDDELAAR
Op 5 februari beginnen de Amerikanen in Duitsland met hun offensief om de Roer over te steken. Omdat de Duitsers de Roer-dammen in de Eifel opblazen, stijgt de Roer binnen een dag met anderhalve meter en de rivier wordt meer dan 100 meter breed. De Amerikaanse opmars wordt wekenlang vertraagd.

Meer noordelijk beginnen de Britten en Canadezen op 8 februari een offen¬sief vanuit de omgeving Nijmegen en Mook. Het uitgestorven en kapotgeschoten. Middelaar wordt eindelijk ingenomen. Gerrit Thijssen uit Middelaar en Leo Vos uit Mook zijn bij de eersten die terugkeren na de gevechten: ooggetuigen Thijssen en Vos

|

REUVER
In het bezette deel van Limburg blijft uiteindelijk alleen de gemeenten Tegelen en Belfeld een verplichte evacuatie bespaard. In Venlo blijven tienduizend mensen achter, in Roermond een paar duizend. Iedereen is overtuigd dat de bevrijders nu snel komen. Om aan evacuatie te ontkomen duiken her en der families onder, weet Paquay uit Reuver: ooggetuige Paquay

HEYEN
In Noord-Limburg rukken de Engelsen en de Canadezen op. Na Middelaar worden Milsbeek, Ottersum en Gennep bevrijd. De Duitse militairen bieden hevig weerstand. Burgers zijn nergens meer aanwezig. Een uitzondering zijn twee inwoners van Heyen: moeder en dochter Fleuren. Tot aan de bevrijding op 14 februari 1945 zitten Duitsers in hun huis. Ze sneuvelen een voor een als de Engelsen komen, put Riek Willems-Fleuren uit haar herinnering: ooggetuige Willems-Fleuren

|
|

VOEDSELTOCHTEN VANUIT VENLO
Op 16 februari bereiken de Britten kasteel Bleyenbeek in Afferden, waar Duitse parachutisten zich hebben verschanst. Op 21 februari gooien Engelse bommenwerpers het historische bouwwerk plat, maar de Duitsers blijven zelfs dan nog een week in de kelders zitten.
De tienduizend Venlonaren die niet zijn geëvacueerd moesten steeds meer moeite doen om aan voedsel te komen. Vanuit de plat gebombardeerde stad ondernemen inwoners
voedseltochten naar de dorpen in de buurt. Joep Ramaekers uit Venlo en Jan Cuypers uit Belfeld zijn daar meermalen getuige van: ooggetuigen Cuypers en Ramaekers

|

OOL
Op 26 februari 1945 gaan de Amerikanen ten zuiden van Roermond weer in de aanval: door de hoge waterstand van de Roer ruim twee weken later dan de bedoeling. Herten, Merum en Ool worden bevrijd. De inwoners zitten in Friesland, alleen in Ool zijn vijf mannen ondergedoken. Pas zes dagen na de bevrijding durven Bar Beckers en Pierre Jeurissen uit hun schuilplaats te komen: ooggetuigen Beckers en Jeurissen

|

VENLO E.O.
Op 28 februari 1945 trekken de laatste Duitse troepen zich terug uit Limburg. Ze zijn bang dat ze ingesloten worden nu de Geallieerden in het Duitse grensgebied snelle vorderingen maken. De Britten en Canadezen rukken op vanuit het Noorden, de Amerikanen vanuit het Zuiden. Nog een paar dagen en de legers zullen elkaar ontmoeten tussen Geldern en Kevelaer.

Op 1 maart worden bijna alle Limburgse plaatsen die nog niet bevrijd waren, ingenomen door de Amerikanen. In Roermond klimt in de vroege ochtend sergeant Vincent Von Henke over de brokstukken van de Roerbrug. Roermond lijkt een spookstad. Het overgrote deel van de inwoners is geëvacueerd. De huizen zijn kapot geschoten, ramen en deuren staan open en de straten zijn gebarricadeerd met spoorrails en zitten vol granaattrechters.

Slechts vierduizend uitgehongerde Roermondenaren zitten nog in kelders als de Amerikanen Roermond binnen trekken. In veel plaatsen van Roermond tot Venlo komt de bevrijding na wekenlange beschietingen toch nog onverwacht. Jo Paquay uit Reuver, Mien Faessen uit Venlo en Ans Cuypers uit Vlodrop herinneren zich dat als de dag van gisteren: ooggetuigen Paquay, Faessen en Cuypers

|

VELDEN
Limburg is bijna helemaal bevrijd. Alleen in de streek tussen Venlo en Afferden zijn de Geallieerden nog niet verschenen. Op 2 maart gaan de Britten vanuit Siebengewald naar Bergen en Ayen. De Amerikanen gaan vanuit Venlo naar Velden. Priesterstudent Lei Brueren uit Velden woonde toen in Venlo. Hij keert als een van de eersten terug naar zijn dorp, blijkt uit zijn dagboek: ooggetuige Brueren

|

WELL
De geallieerde patrouilles verschijnen op 3 maart 1945 tenslotte ook in de uitgestorven dorpen Lomm, Arcen, Wellerlooi en Welf. Enkele kilometers buiten Wel' zitten een paar mensen op de afgelegen boerderij De Meersenhof. De bevrijding door de Canadezen stelt uiteindelijk weinig voor weet Piet Laarakker: ooggetuige Laarakker

|

BBC RADIO ORANJE
Piet Laarakker, een van de laatste Limburgers die de bevrijders heeft zien komen. Heel Limburg is 3 maart 1945 -na bijna vijf jaar bezetting- vrij van de Duitsers. Maar voor de 80 duizend geëvacueerde Limburgers komt de bevrijding pas in april.
Helemaal afgelopen zijn de oorlog en de bezetting in Nederland pas op 5 mei 1945. De avond tevoren wordt de Duitse capitulatie bekend gemaakt via de BBC en Radio Oranje. BBC Radio Oranje

|

Beluister hier deel 1

Logo 1Limburg

Rieu koos MECC vanwege erbarmelijke situatie in Engeland

Rieu koos MECC vanwege erbarmelijke situatie in Engeland

André Rieu heeft uit de doeken gedaan wat de eigenlijke reden voor de kerstconcertenreeks in het MECC is. Naar nu blijkt was de concerthal in Londen, normaal de vaste plek voor zijn kerstconcerten, niet bepaald een warme deken voor Rieu en zijn Johan…

Programma's