Limburg bevrijd - Verhalen van Mesch tot Well - deel 1

Limburg bevrijd - Verhalen van Mesch tot Well - deel 1

De bevrijding begon op 12 september 1944 in het Zuiden, bij Mesch. De laatste dorpen in het noorden van de provincie, Well en Arcen, moesten tot 3 maart 1945 wachten op de bevrijders.Verslaggevers Jean van Hoof (1956) en Frank Ruber (1962), beiden historicus van oorsprong, trokken maandenlang door de provincie om gesproken ooggetuigenverslagen op band vast te leggen. Beluister de verhalen van de betrokkenen destijds hier terug.

MESCH
Begin september 1944, drie maanden na de landing van de Geallieerden in Normandië, bereiken de Amerikanen de Nederlandse grens. Frankrijk en België zijn grotendeels bevrijd en de Geallieerden proberen door te stoten naar de Westwall, de verdedigingslinie die de Duitsers langs hun grens hebben aangelegd.

De bevrijding van de Duitse bezetter verloopt in Limburg moeizaam. Zuid-Limburg wordt in september 1944 in enkele dagen bevrijd, zonder veel strijd. Dat is anders in het noorden en midden van de provincie. In oktober en november 1944 wordt de westelijke Maasoever veroverd ten koste van veel doden en grote verwoestingen. De oostelijke Maasoever volgt pas in de eerste maanden van 1945. De verwoeste dorpen en steden in dit deel van Limburg zijn uitgestorven. De inwoners zijn geëvacueerd naar Noord-Nederland.

Hoofdonderwijzer Sjef Warnier in Mesch - een dorpje bij Eysden - begroet de eerste Amerikanen die Nederland binnentrekken op 12 september 1944. De inwoners van Mesch hebben al enkele dagen in de gaten dat de Geallieerden in de buurt zijn; op de kerktorens van de Belgische buurdorpen wapperen al Belgische vlaggen. Meester Warnier herinnert zich 12 september 1944 als de dag van gisteren: ooggetuige Warnier

|

MAASTRICHT/WYCK
De volgende dag, op 13 september 1944, stoten de Amerikanen door tot de verdedigingslinie die de Duitsers langs de Geul hebben aangelegd. Het Maastrichtse stadsdeel Wijck wordt bevrijd.

Weer een dag later, op 14 september 1944, wordt heel Maastricht bevrijd; de eerste stad in Nederland is vrij van de Duitse bezetter.

De opdracht om Maastricht te veroveren is onverwacht gekomen, zegt de Amerikaanse kolonel Johnson - de bevelhebber van het onderdeel dat de stad bevrijdt: ooggetuigen Johnson, Kiek, Bams

|

HEERLERHEIDE
Mevrouw Bams, die in 1944 een café had op de Markt in Maastricht. Van 13 tot 16 september woeden gevechten in Valkenburg en Meerssen waar de Amerikanen proberen de Geul over te steken. Op de 16e vindt de doorbraak plaats, ten koste van tientallen burgerslachtoffers.

Op 17 september beginnen de Geallieerden met de operatie Market Garden: een gecombineerde lucht- en grondactie, gericht op de verovering van de bruggen bij Nijmegen en Arnhem. In Zuid-Limburg gaat de opmars verder. Het centrum van Heerlen wordt zonder noemenswaar-dige incidenten ingenomen. Heerlerheide volgt een dag later. Directeur Cees Raets van de mijn Oranje Nassau III: ooggetuige Raets

|

SITTARD
Eveneens op 18 september heten de inwoners van Sittard hun bevrijders welkom. Paradoxaal genoeg is dit het begin van een hoop ellende, vertelt Sittardenaar Keizers: ooggetuige Keizers

|

Verder dan Nieuwstadt, even ten noorden van Sittard, gaan de Amerikanen voorlopig niet in september. Pas in januari 1945 rukken de Geallieerden op naar Susteren. De Geallieerden verplaatsen de opmars naar Midden-Limburg, ten westen van de Maas. Vanuit België trekken Engelse infanteristen op 22 september 1944 zonder slag of stoot Weert en Nederweert binnen.

Zo gemakkelijk als Weert en Nederweert worden ingenomen, zo moeilijk wordt de opmars in de Peel. De felle Duitse weerstand in het gebied verrast de Geallieerden volkomen. Een grote Duitse troepenmacht ten westen van de Maas moet de geallieerde opmars naar de rivier vertragen.
Na twee dagen vechten trekken de Duitsers zich op 25 september terug uit Meyel. Ze verschansen zich achter de vele kanalen die de Peel rijk is.

KERKRADE
In het bevrijde Zuid-Limburg is Kerkrade eind september nog in Duitse handen. De Amerikanen zijn hun opmars gestopt voor de spoordijk van het Miljoenenlijntje. De Duitsers zijn vastbesloten stand te houden totdat de verdediging van de Westwall achter Kerkrade op sterkte is. De bevolking moet vertrekken naar bevrijd gebied, herinneren zich een inwoonster en politie commandant Geeraedts: ooggetuigen anoniem en Geeraedts

|
|

THORN
Op de dag dat Kerkrade moet evacueren, warden Thorn en omgeving bevrijd. Niet door de Amerikanen, en ook niet door de Engelsen. Het stadje en omgeving worden ingenomen door een Belgische brigade. Burgemeester Spiertz haalt de bevrijders hoogstpersoonlijk naar Thorn: ooggetuige Spiertz

|

Op de omgeving van Thorn en Weert na is de westelijke Maasoever in september 1944 nog steeds bezet. Vanuit bevrijd Noord-Brabant vallen de Geallieerden op 30 september aan bij Overloon. De slag duurt ruim drie weken en kost 2500 mensen het leven.

MAASBRACHT
Dezelfde dag blazen de Duitsers 240 schepen op in de haven van Maasbracht. Jac Linssen maakt als 22-jarige jongeman mee hoe de haven verandert in een scheepskerkhof. Hij gelooft niet dat de Duitsers een doel hadden met het tot zinken brengen van de schepen, zoals het onbevaarbaar maken van het Julianakanaal. ooggetuige Linssen

|

RIMBURG
Begin oktober liggen de Geallieerden nog steeds voor de Westwall, de ver¬dedigingslinie langs de Duitse grens. Op 2 oktober zetten ze de aanval in bij Rimburg. Albert Verreck maakt het als I5-jarige jongen mee. ooggetuige Verreck

|

De doorbraak bij Rietburg leidt ook tot de bevrijding van Kerkrade op 5 oktober. De geëvacueerde inwoners kunnen pas eind van de maand terug naar hun stad. Dan is het verzet rond Aken gebroken.

In het uiterste noorden van Limburg, in Middelaar, zijn de gevechten begin oktober 1944 op hun hevigst. Bij de operatie Market Garden is Mook door de Geallieerden bevrijd, maar de kernen Middelaar en Plasmolen blijven nog maandenlang in Duitse handen.

|

KERKRAZZIA IN DE PEEL
In de Peel wordt de strijd steeds grimmiger. Bij Overloon loopt de Amerikaanse aanval op 5 oktober vast op de verbeten Duitse tegenstand. De Geallieerden hebben de Duitse verdedigingskracht onderschat,
De Duitsers, die vastbesloten zijn de westelijke Maasoever tot het uiterste te verdedigen willen verzetsacties van burgers voorkomen. Op 8 oktober worden daarom systematisch enkele duizenden mannen opgepakt als ze uit de kerk komen. Lei Draeck uit Kronenberg: ooggetuigen Draeck, Kurvers

|

Jan Kurvers uit Sevenum. De duizenden Limburgers die 8 oktober 1944 worden opgepakt, komen terecht in Duitsland waar ze moeten werken.

OVERLOON
De slag bij Overloon duurt voort. Al vanaf 30 september 1944 proberen de Amerikanen met hun tanks door te stoten, om het gebied ten westen van de Maas te veroveren. Pas op 12 oktober als de Engelsen zich met de strijd gaan bemoeien, volgt een doorbraak.
Dagenlang zitten de achtergebleven inwoners in de kelder. Boven hun hoofden woedt de tankslag. Als de Engelsen het huis binnenkomen, gelooft niemand dat het echt de bevrijders zijn, aldus Sjaak Janssen: ooggetuige Janssen

|

Pas twee dagen later, op 14 oktober, worden de Duitsers bij Overloon verslagen.

VENRAY E.O.
De Engelse doorbraak bij Overloon gaat gepaard met geallieerde bombardementen achter het front. Tientallen burgers in Venray, Horst en America komen daarbij om het leven. Ook de psychiatrische inrichting Sint Anna krijgt het zwaar te verduren. Frans Schmidt was adjunctdirecteurgeneesheer: ooggetuige Schmidt

|

Op 18 oktober 1944 wordt Venray bevrijd. Verder gaan de Geallieerden voorlopig niet, en daarom worden alle inwoners uit de frontplaats geëvacueerd.

GENNEP
In de kop van Limburg, rond Gennep, lijdt de bevolking half oktober 1944 al een maand onder beschietingen. De inwoners moeten vertrekken. Het evacuatiebevel wordt in de kerk afgekondigd. Harie van Arensbergen en Wiel van Dinther: ooggetuigen Van Arensbergen en Van Dinther

|

Het lukt de Geallieerden maar langzaam om gebied te veroveren op de Duitsers ten westen van de Maas. De bezetter houdt stand, verschanst achter het kanaal Wessem-Nederweert, de Noordervaart en het kanaal van Deurne. Alleen Weert en Venray zijn in geallieerde handen.

|

MEYEL
Een van de zwaarst getroffen Limburgse plaatsen in de oorlog is Meyel. 25 september hadden de Duitsers zich teruggetrokken uit het dorp, een maand later zijn ze terug. Op 27 oktober veroveren de Duitsers niet alleen Meyel maar ze rukken op tot in Noord-Brabant. Vier dagen later slaan de Amerikanen en Schotten terug.

Gerard Gooden, commandant van de Ordedienst (00) in Meyel was voor de Duitsers gevlucht naar Asten. Daar is hij getuige van de komst van de geallieerde versterkingen: ooggetuigen Gooden

|

VENLO
Op 5 november lijkt voor veel inwoners van Venlo de wereld te vergaan. Er vallen bommen, de binnenstad staat in brand.

Het is niet de eerste keer dat geallieerde bommenwerpers de stad bestoken. Al weken proberen ze tevergeefs de Maasbrug te vernietigen. Eind november laten de Duitsers de brug springen. In de binnenstad zijn dan al honderden doden gevallen, omdat de bommen terecht komen op woonhuizen. 5 november was het ergst, door de grote stadsbrand, herinneren zich Harry Keulards en Joep Ramaekers: ooggetuigen Ramaekers en Keulards

|

Niet alleen Venlo, maar ook Roermond wordt meerdere keren gebombardeerd. Ook hier zijn de Maasbruggen de doelwitten. De grootste ravage richt het bombardement van 11 november aan - die dag vallen 33 doden.

NUNHEM E.O.
Op 14 november zetten de Geallieerden de aanval in op het Duitse bruggehoofd ten westen van de Maas. Bij Nederweert steken ze het kanaal over.

De volgende dagen wordt de streek rond Heythuysen, Roggel, Haelen, Hom, Heel en Wessem bevrijd. Jan Ottenheim woonde in Nunhem aan de Napoleonsbaan, waar hij op 16 november wordt bevrijd: ooggetuige Ottenheim

|

GEYSTEREN/BROEKHUIZEN
Eind november hebben de Britten de westelijke Maasoever bijna helemaal veroverd. De Duitsers zitten nog in het zwaar versterkte Blerick, en in de kastelen van Broekhuizen en Geysteren. De historische burchten werden door oorlogsgeweld vernietigd. Hay Reintjes uit Broekhuizen en Baron De Weichs de Wenne uit Geysteren: ooggetuigen De Weichs de Wenne en Reintjes

|

BLERICK
Na de val van de kastelen in Broekhuizen en Geysteren is Blerick de enige plaats op de westelijke Maas-oever die nog in Duitse handen is. Duitsers en Britten verwachten een hevige confrontatie. Om Blerick liggen een tankgracht en loopgraven, Maar de Schotse militairen hebben een enorme overmacht, in mankracht en materieel. In Blerick zitten 3 december nog maar een paar honderd Duitse soldaten. Ooggetuigen Collin en Peeters

|

Met de verovering van Blerick op 3 december 1944 is de westelijke Maas-oever in Limburg bevrijd. Ruim twee maanden hebben de Geallieerden nodig gehad om de streek te veroveren. De inwoners van de gemeenten op de oostelijke Maasoever wachten met spanning op hun bevrijding.

Beluister hier deel 2

Logo 1Limburg

Programma's